1859-1945: van lampolie tot wereldgrondstof
In augustus 1859 sloeg Edwin Drake in Titusville, Pennsylvania, de eerste commerciële oliebron [28]. De prijs schoot alle kanten op. In 1861 kostte een vat gemiddeld $0,49, in 1864, midden in de Amerikaanse Burgeroorlog, $8,06 [1]. Omgerekend naar vandaag is dat $171,02 per vat: nog altijd het duurste jaar ooit [2].
Daarna zakte de prijs weg en bleef ze decennialang laag. Nieuwe velden in Texas, Oklahoma en later het Midden-Oosten zorgden voor overvloed. In 1930 lag het jaargemiddelde op $1,19, in 1940 op $1,02 [1].
1945-1972: goedkope olie en de oprichting van OPEC
Na de Tweede Wereldoorlog draaide de Europese heropbouw op goedkope olie uit het Midden-Oosten. De prijs bewoog nauwelijks: $1,71 in 1950, $1,90 in 1960, $1,80 in 1970 [1]. Na inflatie is 1970 met $14,98 een van de goedkoopste jaren ooit [2].
In september 1960 richtten Iran, Irak, Koeweit, Saoedi-Arabië en Venezuela in Bagdad de OPEC op, om meer grip te krijgen op de prijs die westerse oliemaatschappijen bepaalden [5].
1973-1974: de eerste oliecrisis
In oktober 1973, tijdens de Jom Kipoeroorlog, legden Arabische olieproducenten een embargo op tegen de Verenigde Staten en andere landen die Israël steunden. Het embargo liep tot maart 1974 [7]. De olieprijs ging van $2,90 per vat vóór het embargo naar $11,65 in januari 1974: bijna een verviervoudiging [6].
Meer over de oliecrisis van 1973.
In België leidde dat tot de autoloze zondagen. Van 18 november 1973 tot 13 januari 1974 mocht er op zondag niet gereden worden, en gold op autosnelwegen een maximumsnelheid van 100 km/u [9]. Het was ook de aanleiding voor het Belgische systeem van maximumprijzen voor brandstof en mazout, dat in 1974 werd vastgelegd in een programmaovereenkomst tussen overheid en oliesector [10].
1979-1980: de tweede oliecrisis
De Iraanse revolutie legde de Iraanse productie grotendeels stil: tegen januari 1979 viel 4,8 miljoen vaten per dag weg, zo'n 7% van de wereldproductie. Tussen april 1979 en april 1980 verdubbelde de olieprijs ruim [8]. Op 22 september 1980 viel Irak Iran binnen [24], wat de prijs hoog hield.
Het jaargemiddelde van 1980, $36,83, komt na inflatie overeen met $144,40 in dollars van 2025 [1] [2]. Pas in 2008 en in 2011-2013 lag het jaargemiddelde na inflatie nog hoger.
1986-1999: overvloed en de tegenschok
De hoge prijzen maakten olie uit de Noordzee, Alaska en Mexico rendabel, terwijl het verbruik daalde. Saoedi-Arabië, dat jarenlang zijn productie had teruggeschroefd om de prijs te steunen, gooide in 1985-1986 het roer om: het wilde marktaandeel terug en pompte weer volop [25]. Het jaargemiddelde halveerde, van $27,56 in 1985 naar $14,43 in 1986 [1]. WTI zakte op 31 maart 1986 tot $10,25 [4].
Op 2 augustus 1990 viel Irak Koeweit binnen. Het maandgemiddelde ging van $17 in juli naar $36 in oktober [29], en Brent piekte op 27 september 1990 op $41,45 [3], om na de Golfoorlog snel terug te zakken.
Eind jaren negentig drukte de Aziatische financiële crisis de vraag. Op 10 december 1998 kostte een vat Brent nog $9,10: het laagste punt in de hele EIA-reeks [3].
2000-2008: de supercyclus en het record
De vraag groeide sterk, onder meer uit China, terwijl de wereldproductie stagneerde [26]. Brent steeg van gemiddeld $28,66 in 2000 naar $96,94 in 2008 [3]. Op 3 juli 2008 bereikte de Brent-spotprijs $143,95 [3], en op 11 juli noteerde de WTI-future tijdens de handel even $147,27: het nominale record [14].
Toen de bankencrisis toesloeg, stortte de prijs in. Op 26 december 2008 kostte Brent nog $33,73 [3], bijna 77% minder dan een half jaar eerder.
2011-2016: boven de $100, dan de schalieolie
Na het herstel van de economie lag Brent in 2011, 2012 en 2013 gemiddeld boven de $100 [3]. Na inflatie is 2011 het op één na duurste jaar sinds 1864 [2].
Tegelijk zette de Amerikaanse schalieolie door. Toen OPEC op 27 november 2014 besliste de productie níet te verlagen [11], volgde een lange daling. Op 20 januari 2016 zakte Brent tot $26,01 [3].
2020: een negatieve olieprijs
De coronapandemie legde het verkeer wereldwijd stil. Op 20 april 2020 sloot het WTI-contract voor levering in mei op min $37,63: voor het eerst sinds de start van de handel in 1983 een negatieve prijs [12]. Opslagtanks raakten vol, en wie een contract had moest betalen om er vanaf te raken (hoe dat kon). De WTI-spotprijs zakte die dag tot $-36,98 [4].
OPEC en partners als Rusland (samen OPEC+) sloten op 12 april 2020 hun grootste productiedeal ooit: 9,7 miljoen vaten per dag minder vanaf 1 mei [13].
2022: de oorlog in Oekraïne
Na de Russische inval in Oekraïne in februari 2022 piekte de Brent-spotprijs op 8 maart op $133,18 [3]. In België bereikte de maximumprijs voor stookolie op 11 maart 2022 een record van €1,39 per liter (vanaf 2.000 liter) [16]. De EU stopte in december 2022 met de invoer van Russische ruwe olie over zee en voerde samen met de G7 een prijsplafond van $60 per vat in [15].
Daarna zakte de prijs geleidelijk. In 2025 lag Brent gemiddeld op $69, het laagste sinds 2020: OPEC+ draaide een deel van de productiebeperkingen terug terwijl het aanbod buiten OPEC bleef groeien [17].
2026: de Straat van Hormuz
Op 28 februari 2026 voerden de Verenigde Staten en Israël aanvallen uit op Iran. Het tankerverkeer door de Straat van Hormuz viel grotendeels stil, en Irak, Saoedi-Arabië en de Emiraten moesten productie stilleggen. Brent ging op 12 maart boven de $100 [18]. Met een stijging van zo'n 65% was maart de grootste maandstijging ooit [19].
De IEA-landen gaven 400 miljoen vaten vrij uit hun strategische voorraden, de grootste vrijgave in hun geschiedenis [20]. Op 7 april piekte de Brent-spotprijs op $138,21 [3]; de fysieke referentieprijs Dated Brent haalde die dag zelfs $144,42, de hoogste notering sinds de start ervan in 1987 [21]. Een dag later zorgde een staakt-het-vuren tussen de VS en Iran voor een daling van ruim 13% op één dag [22].
Voor Belgische gezinnen werd dat meteen voelbaar: begin april 2026 bereikte de maximumprijs voor mazout het hoogste niveau sinds de reeks in 2008 begint [23]. Na een rustiger zomer laaide het conflict opnieuw op. Begin september brachten de VS vijf Iraanse olietankers tot zinken en viel Iran tien schepen aan bij de Straat van Hormuz. Op 9 september sloot de Brent-future voor het eerst sinds mei weer boven de $100 [27]. Het actuele verloop volg je op de Brent-pagina.